Monthly Archives

januari 2018

Maastricht heeft laagste percentage jongeren met rijbewijs

By | Nieuws, Verkeerspro | No Comments

Jongeren in Maastricht hebben het minst vaak een rijbewijs. Slechts 48 procent van de jongeren tussen de 18 en 30 jaar bezitten het roze pasje, gevolgd door Den Haag en Schiermonnikoog (53 procent). Dat blijkt uit onderzoek van het CBS. In de gemeenten Tubbergen, Reusel-De Mierden, Oirschot, Aalburg en Staphorst is het rijbewijsbezit onder jongeren het hoogst met meer dan 85 procent.

Begin 2015 telde Nederland 2,5 miljoen jongeren tussen 18 en 30 jaar. Van hen had 68 procent een autorijbewijs, nog geen 30 procent had een auto op zijn of haar naam staan.  Uit het CBS-onderzoek blijkt dat er een groot verschil is in auto- en rijbewijsbezit tussen jongeren in stedelijke gebieden en jongeren die op het platteland wonen. Bijna 80 procent van de jongeren van het platteland had in 2015 een rijbewijs; 40 procent bezit een auto.

Jongeren in zeer sterk verstedelijkte gebieden hadden met 60 procent veel minder vaak een rijbewijs; 19 procent van de jongeren heeft een auto. Dit heeft niet alleen te maken met het lagere rijbewijsbezit. In grote steden zijn parkeerplaatsen schaars. Voorzieningen zijn vaker dichtbij en er kan meer gebruik gemaakt worden van alternatieven zoals het openbaar vervoer en de fiets.

De tekst gaat verder onder de afbeelding.

Studerenden en werkenden

Ook is er een groot verschil in rijbewijs- en autobezit tussen werkende en studerende jongeren. Het inkomen speelt hierbij een belangrijke rol. Van de studerenden had 60 procent een rijbewijs en 8 procent had een auto. Van de werkenden had 83 procent een rijbewijs en 48 procent bezat een auto. De universiteitssteden springen eruit als gemeenten waar relatief weinig jongeren een rijbewijs en auto bezitten. Maar ook tussen universiteitssteden zijn er verschillen in auto- en rijbewijsbezit. Nijmeegse studenten hebben namelijk vaker een rijbewijs (67 procent) dan Rotterdamse (51 procent).

Lees ook: Aantal 18-jarigen daalt de komende 20 jaar

Bron: Verkeerspro
Auteur: Nadine Kieboom
Publicatie datum: Tue, 16 Jan 2018 10:29:14 +0000

Read More

Meer instructeurs verliezen WRM-bevoegdheidspas

By | Nieuws, Verkeerspro | No Comments

Het aantal rijinstructeurs dat zakte voor het WRM-herexamen is opnieuw gestegen. In 2017 verloren 42 instructeurs de WRM-bevoegdheidspas omdat zij de praktijkbegeleiding niet succesvol hebben afgelegd. Examinatoren van het IBKI namen in totaal 120 derde praktische bijscholingsexamens af. 

Het IBKI nam over het geheel van afgelopen jaar 4.195 praktische bijscholingen af. Het gemiddelde slagingspercentage voor de praktische bijscholing ligt op 77 procent.

‘Feedback moment’

Opvallend is dat het slagingspercentage voor de eerste praktijkbegeleiding beduidend lager ligt (61 procent) dan de tweede praktijkbegeleiding (92 procent). Volgens IBKI-directeur Jim Schouten komt dit omdat veel rijinstructeurs zich minder goed voorbereiden voor de eerste bijscholing. “Rijinstructeurs zien dit vaak als een geschikt moment voor feedback zonder sanctie.”

Van 40 instructeurs werd de bevoegdheid voor de B categorie niet verlengd. Bij twee instructeurs ging het om meerdere categorieën, zij deden herexamen voor de categorie C.

Meer instructeurs verliezen bevoegdheid

Het aantal instructeurs van wie de bevoegdheid niet wordt verlengd loopt al een aantal jaar op. In 2016 raakten 37 instructeurs de bevoegdheid kwijt; dit aantal lag de drie voorgaande jaren op 16. Ook is er een dalende lijn te zien in de slagingspercentages voor de eerste praktijkbegeleiding. Deze ging van rond de 90 procent in 2011 naar een krappe 60 procent in 2017. Volgens IBKI is deze daling te verklaren doordat in 2011 en 2012 de eerste praktijkbegeleiding meteen meetelde voor het verlengen van de WRM-bevoegdheid.

Het aantal instructeurs dat zakte voor de tweede bijscholingsrit is wel afgenomen. In 2016 zakten 159 instructeurs voor de tweede praktijkbegeleiding, terwijl dit afgelopen jaar daalde naar 130.

Kritiek praktijkbegeleiding

Vanuit de rijschoolbranche is al jaren kritiek op de praktijkbegeleiding. FAM, VRB en Bovag presenteerden afgelopen jaar het aanbevelingsdocument dat zij gezamenlijk hebben opgesteld. Daarin geven zij ook advies over een nieuwe indeling van de praktische bijscholing. In de nieuwe vorm horen rijinstructeurs een half uur van tevoren welk lesonderdeel zij moeten behandelen tijdens een WRM-praktijktoets. Hiermee wordt volgens de brancheorganisaties voorkomen dat de instructeur met de leerling een toneelstukje opvoert.

De brancheorganisaties willen het aantal praktische bijscholingen terugschroeven van twee naar één keer per vijf jaar. Daarnaast pleiten de organisaties voor een extra herkansingsmogelijkheid. Deze moet volgens hen gemaximaliseerd worden tot twee keer (maximaal drie keer praktijkbegeleiding).

LBKR raadt in haar aanbevelingsdocument het kwaliteitsregister aan. Deze maatregel moet de huidige praktijkbegeleiding vervangen. Het CBR komt binnenkort ook met een advies.

Lees ook:

Wil je ook elke week de gratis nieuwsbrief van RijschoolPro ontvangen? Vul hier jouw e-mailadres in:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Willem de Hoog
Publicatie datum: Tue, 16 Jan 2018 12:55:26 +0000

Read More

‘Informatievoorziening autorijden met diabetes schiet tekort’

By | Nieuws, Verkeerspro | No Comments

De informatievoorziening rond autorijden met diabetes is te gering. Er is informatie te vinden op verschillende sites, maar dit wordt nog onvoldoende gevonden. Dat blijkt uit een onderzoek dat het CBR liet uitvoeren in opdracht van voormalig minister van Infrastructuur Melanie Schultz van Haegen.

De rapportage van marktonderzoekbureau Ferro Explore toont aan dat er verschillende drempels zijn die diabetespatiënten ervan weerhouden om het onderwerp bespreekbaar te maken. Zelfredzaamheid is momenteel van groot belang bij mensen met diabetes. Daarnaast komt het onderwerp autorijden niet ter sprake wanneer mensen met diabetes een bezoek brengen aan artsen en huisartsen.

Patiënten voelen zich niet ziek

Een van de conclusies is dat diabetespatiënten zich niet ziek voelen. In principe kunnen mensen met diabetes goed functioneren, zolang zij geen hypo’s hebben. Bij een hypo is de glucosewaarde uit balans, en kan de patiënt trillerig of sloom worden. Omdat mensen met diabetes zich vaak niet ziek voelen, creëert dit een natuurlijke drempel om informatie over diabetes en autorijden tot zich te nemen. Patiënten hebben het gevoel dat ze ‘in control’ zijn. Wanneer ze het onderwerp bespreekbaar maken, verliezen ze deze controle. Bovendien is er een emotionele drempel. Zo zijn mensen met diabetes bang om het rijbewijs te verliezen of een aantekening te krijgen op het rijbewijs.

De drempels zijn momenteel te emotioneel van aard, en daarom werkt de huidige informatieverschaffing, die proceduregericht is, niet. De onderzoekers bevelen artsen aan om het met patiënten in een zo vroeg mogelijk stadium over autorijden en de ziekte te hebben. “Hierdoor wordt nadenken over de eigen verantwoordelijkheid gewoner en realistischer.”

Daarnaast geeft het rapport het CBR advies om zich niet alleen te richten op de procedure, maar ook tips te verschaffen zodat de patiënt zijn verantwoordelijkheid kan nemen.

Huisartsen

Artsen en huisartsen noemen de informatiestroom over autorijden met diabetes ‘zeer gebrekkig’. Daarbij komt het ziektebeeld in combinatie met autorijden nauwelijks ter sprake, behalve als de medicatie er directe aanleiding toe geeft. Een arts stelt in het rapport:Het is niet iets dat mij als eerste te binnen schiet om tegen iemand te zeggen. In alle eerlijkheid komt dat niet aan de orde.”

Medici stellen in het rapport over onvoldoende informatie te beschikken om dit onderwerp op een juiste wijze ter sprake te brengen. Sommige artsen geven aan niet precies te weten wanneer een patiënt zich moet melden bij het CBR.

Taak instructeur

Diabetesvereniging Nederland ziet dat er veel onduidelijkheid is rondom het rijbewijs. Vorig jaar kreeg de vereniging 280 meldingen over het rijbewijs. De vereniging stelde vorige maand dat instructeurs de ziekte bespreekbaar moeten maken tijdens de rijopleiding.

Het is volgens Dharma Behari, jurist bij DVN, belangrijk dat de rijinstructeur in een vroeg stadium van de rijopleiding de procedure bespreekt. “Als de instructeur weet dat iemand diabetes heeft, laat die persoon dan aan het begin van de rijopleiding de procedure doorlopen. Het komt wel eens voor dat iemand met diabetes niet rijgeschikt is, terwijl er dan wel al veel geld in is gestoken.”

Mijn Cbr

Het CBR heeft sinds kort een nieuwe klantenportaal, Mijn.CBR.nl, die inspeelt op de verschillende informatiebehoeften van haar klanten. Het onderzoek geeft aanknopingspunten voor het verbeteren van de communicatie over autorijden met een medische aandoening. Het CBR gaat in samenwerking met het ministerie in 2018 de communicatie over autorijden met een medische aandoening verder verbeteren.

Lees ook: Leerling met diabetes moet vroeg beginnen aan rijgeschiktheidsprocedure

Bron: Verkeerspro
Auteur: Willem de Hoog
Publicatie datum: Wed, 17 Jan 2018 11:36:48 +0000

Read More

Keren door middel van steken populairste praktische bijscholing

By | Nieuws, Verkeerspro | No Comments

‘Keren door middel van steken’ is het meest gekozen lesonderwerp voor de WRM-praktijkbegeleiding. 37 procent van de kandidaten koos in 2017 dit lesonderdeel tijdens de praktijkbegeleiding voor de categorie B. Op de tweede plek, met 35 procent, staat ‘achteruit parkeren in een aangegeven vak’. ‘De denkbeeldige acht’ was in het voorbije jaar het populairste lesonderwerp voor de categorie A.

Naast het ‘keren door middel van steken’ en ‘het achteruit parkeren in een vak’ kiezen kandidaten ook vaak voor ‘achteruit rijden in een aangegeven bocht’ (18 procent). In 2017 nam het IBKI 4.195 praktische bijscholingen af. Van 42 instructeurs werd de bevoegdheid niet verlengd.

Motor en vrachtauto

‘De denkbeeldige acht’ was in 2017 het meest gekozen lesonderwerp voor de categorie A WRM-bijscholing. Maar liefst 51 procent van de instructeurs koos voor deze les. Op de tweede plek stond ‘de halve draai’ (40 procent) en op de laatste plek stond ‘de langzame slalom’ (9 procent).

Het meest gekozen lesonderdeel voor vrachtwagen en E achter B was ‘de bocht achteruit’. 60 procent van de kandidaten koos dit als onderwerp. Op de twee plek staat ‘achteruit rijden middels een bocht naar een laadperron’ (31 procent). ‘Links en rechts afslaan’ werd in 9 procent van de gevallen gekozen.

Dynamische lesonderdelen

Uit de gegevens van het IBKI blijkt dat er niet veel variatie is tussen lesonderwerpen. In 2017 zijn er voor de categorie B maar 5 verschillende lesonderdelen gekozen, en voor de motor slechts 3.

Dynamische lesonderdelen moeten voorkomen dat rijinstructeurs steeds dezelfde les kiezen, zo stellen brancheverenigingen VRB, Bovag en FAM. De organisaties stelden een aanbevelingsdocument op in aanloop naar de aanpassing van de Wet Rijonderricht Motorrijtuigen. De organisaties stellen dat het ‘toneelstuk’, zoals de praktijkbegeleiding genoemd wordt, voorkomen wordt als rijinstructeurs een half uur van tevoren horen welk lesonderdeel zij moeten behandelen tijdens een WRM-praktijktoets of praktijkbegeleiding.

Het IBKI monitort de ontwikkelingen van de theoretische en praktische WRM-bijscholing. De gegevens worden vervolgens aan de Centrale Examen Commissie (CEC) geleverd. De CEC, die advies geeft aan IBKI, gebruikt deze gegevens als achtergrondinformatie over aanpassingen die nodig zouden zijn om de praktijkbegeleiding te verbeteren.

Lees ook: 

Bron: Verkeerspro
Auteur: Willem de Hoog
Publicatie datum: Wed, 17 Jan 2018 15:05:24 +0000

Read More

Grote verschillen in slagingspercentages CBR-examencentra

By | Nieuws, Verkeerspro | No Comments

De slagingspercentages voor het eerste auto-examen variëren sterk per examencentrum. De CBR-locatie in Rotterdam heeft met 36,1 procent het laagste slagingspercentage van Nederland; Maastricht scoort het beste met 63,4 procent. Dat blijkt uit een data-analyse van CBR-cijfers over 2017 door RijschoolPro. 

Op provinciaal gebied is het slagingspercentage in Limburg eveneens het hoogst, namelijk 61,2 procent. Zuid-Holland staat onderaan met 44,9 procentHet CBR kan geen feitelijke conclusies verbinden aan het grote verschil tussen de CBR-examencentra. Woordvoerder Irene Heldens stelt: “Het CBR ziet dat in de meeste plaatsen waar het aandeel tussentijdsetoetsen hoog is, het slagingspercentage ook hoger uitvalt.”

De cijfers die zijn geanalyseerd beslaan de periode van 1 januari 2017 tot en met 31 december 2017. Daarin was het gemiddelde slagingspercentage voor het eerste praktijkexamen voor de auto 50,3 procent. Het gemiddelde slagingspercentage voor het herexamen B was in deze periode 50,5 procent.

Structureel probleem

Maastricht, Horn, Almelo, Sittard en Urmond blijken toplocaties te zijn om je rijbewijs te halen. De slagingspercentages liggen op deze plekken met zestig procent een stuk hoger dan het landelijk gemiddelde.

Aan de onderkant halen Rotterdam en Barendrecht niet eens de 40 procent. In Rotterdam, waar examinatoren in het afgelopen jaar 8.394 eerste B examens afnamen, ligt het slagingspercentage slechts op 36,1 procent. Het lage slagingspercentage in deze regio is de laatste jaren een structureel probleem. In 2015 was het slagingspercentage in Rotterdam nog 37,1 procent, en twee jaar daarvoor lag het slagingspercentage tussen de 36 en 40 procent. 

Herexamen

Bij de herexamens is dezelfde trend te zien. De randstad scoort slecht, Rotterdam, Amsterdam, Gouda en Barendrecht blijven allemaal onder de 50 procent. Het platteland levert meer geslaagden dan de stedelijke gebieden. Het slagingspercentage ligt in Almelo, Emmen en Terneuzen rond de 60 procent.

Wat nog meer opvalt is dat slecht scorende CBR-examencentra relatief veel examens afnemen. Locaties als Rotterdam, Rijswijk en Amsterdam nemen in totaal rond de twintigduizend examens per jaar af. Bij goed scorende examencentra ligt dit aantal rond de drieduizend.

Provinciale verschillen

Naast verschillen tussen de examencentra is er ook een duidelijk verschil tussen de provincies te zien. Wat opvalt is dat Zuid-Holland (44,9 procent) en Noord-Holland (49,7 procent) het landelijk gemiddelde naar beneden halen, mede omdat hier de meeste examens worden afgenomen. Limburg en Overijssel scoren het beste, 57 procent van de leerlingen slaagt hier voor het eerste auto-examen.

RijschoolPro vergeleek de verschillen twee jaar geleden ook al. Toen kwamen globaal gezien dezelfde cijfers naar boven. De uitersten zijn wel groter geworden. Het verschil tussen het hoogste en laagste slagingspercentage was twee jaar geleden 23,4 procent. Dat verschil is afgelopen jaar opgelopen naar 27,3 procent.

Lees ook:

Wil je ook elke week de gratis nieuwsbrief van RijschoolPro ontvangen? Vul hier jouw e-mailadres in:

Bron: Verkeerspro
Auteur: Willem de Hoog
Publicatie datum: Thu, 18 Jan 2018 08:50:07 +0000

Read More